Banner warvictims.fgov.be

Statuten van nationale erkentelijkheid


Inleiding

Kort na de bevrijding bracht België hulde aan de personen die tijdens de oorlog geleden hadden onder de verschrikkelijke omstandigheden en die zich op verschillende vlakken verdienstelijk hadden gemaakt. Niet alleen de militaire verdiensten werden gehuldigd, maar ook de vaderlandslievende oorlogsbijdragen van de burgers werden officieel gewaardeerd.

Burgers die zich tijdens de oorlog 1940-1945 op vaderlandslievend gebied verdienstelijk hebben gemaakt of die een invaliditeit wegens een oorlogsfeit hebben kunnen hiervoor een statuut van nationale erkentelijkheid bekomen.

Onze diensten zijn bevoegd voor de statuten van:

 

Politieke gevangenen

Dit zijn de personen die in de loop van de oorlog 1940-1945 een regime van hechtenis of internering hebben gekend in gevangenissen of concentratiekampen, waarvan de duur ten minste dertig opeenvolgende dagen bedroeg, en waarbij deze vrijheidsberoving uitging van de vijand of van personen die zijn politiek dienden of zijn doeleinden nastreefden. Een uitzondering op de voorwaarde van die periode van dertig opeenvolgende dagen vrijheidsberoving wordt gemaakt voor hen die tijdens hun opsluiting het voorwerp geweest zijn van zware mishandelingen of voor hen die door de vijand ter dood veroordeeld werden en voor hen die na aanhouding door de vijand of tijdens hun opsluiting door de vijand ter dood werden gebracht.

Men maakt een onderscheid tussen de door het statuut begunstigden en de eigenlijke politieke gevangenen die de titel verkrijgen. De politieke gevangenen die de titel verkrijgen zijn diegenen van wie de vrijheidsberoving het rechtstreeks gevolg is van een onbaatzuchtige vaderlandslievende activiteit, of die aangehouden werden omwille van hun wijsgerige of politieke mening, of die werden uitgekozen als gijzelaar, of die in de loop van hun gevangenzetting blijk hebben gegeven van een uitzonderlijke geest van verzet.

Sommige nabestaanden (weduwe(naar), eventueel de samenwonende partner, minderjarige kinderen, ouders, broers, zussen of grootouders) van politieke gevangenen die de oorlog niet overleefd hebben, konden, onder bepaalde strikte voorwaarden, erkend worden als rechthebbenden van politieke gevangenen (wetgeving).

Naar boven

 

Vreemdelingen politieke gevangenen

Personen die op het ogenblik van hun aanhouding de Belgische nationaliteit niet genoten, kunnen aanspraak maken op het statuut van vreemdeling politieke gevangene wanneer ze in België een onbaatzuchtige vaderlandslievende bedrijvigheid hebben ontplooid en niet kunnen genieten van het statuut van politieke gevangene krachtens internationale verdragen of krachtens hun eigen nationale wetgeving (wetgeving).

Sinds de wet van 26 januari 1999 moeten de leden van de joodse gemeenschap die op 10 mei 1940 in België verbleven, niet langer een onbaatzuchtige vaderlandslievende activiteit bewijzen om begunstigde van het  statuut van vreemdeling politiek gevangene te worden. Indien zij daarentegen de titel van politiek gevangene willen verkrijgen moeten ze nog steeds hun vaderlandslievende activiteit bewijzen.

Naar boven

 

Weggevoerden voor de verplichte tewerkstelling

De personen die werden weggevoerd naar Duitsland of een door Duitsland bezet gebied, met uitzondering van België en Noord-Frankrijk, en tot de arbeid gedwongen werden in uitvoering van een formeel en schriftelijk bevel of nadat ze door de bezetter werden aangehouden, komen in aanmerking voor dit statuut (wetgeving).

Naar boven

 

Werkweigeraars

Hieronder verstaat men de personen die zich, door het treffen van voldoende onderduikingsmaatregelen, onttrokken hebben aan de hen door de bezetter opgelegde arbeidsverplichting. Ook de bewoners van de Oostkantons die geen gevolg gaven aan de oproeping voor militaire dienstplicht in het Duitse leger komen voor dit statuut in aanmerking (wetgeving).

Naar boven

 

Burgerlijke weerstanders

Om voor dit statuut in aanmerking te komen moet men tijdens de bezetting een activiteit ontwikkeld hebben in het kader van de geheime strijd tegen de bezetter die werkelijk risico’s voor de uitvoerder heeft meegebracht (wetgeving).

Naar boven

 

Vreemdelingen politieke gevangenen

Personen die op het ogenblik van hun aanhouding de Belgische nationaliteit niet genoten, kunnen aanspraak maken op het statuut van vreemdeling politieke gevangene wanneer ze in België een onbaatzuchtige vaderlandslievende bedrijvigheid hebben ontplooid en niet kunnen genieten van het statuut van politieke gevangene krachtens internationale verdragen of krachtens hun eigen nationale wetgeving (wetgeving).

Naar boven

 


Weggevoerden voor de verplichte tewerkstelling

De personen die werden weggevoerd naar Duitsland of een door Duitsland bezet gebied, met uitzondering van België en Noord-Frankrijk, en tot de arbeid gedwongen werden in uitvoering van een formeel en schriftelijk bevel of nadat ze door de bezetter werden aangehouden, komen in aanmerking voor dit statuut (wetgeving).

Naar boven


 

Werkweigeraars

Hieronder verstaat men de personen die zich, door het treffen van voldoende onderduikingsmaatregelen, onttrokken hebben aan de hen door de bezetter opgelegde arbeidsverplichting. Ook de bewoners van de Oostkantons die geen gevolg gaven aan de oproeping voor militaire dienstplicht in het Duitse leger komen voor dit statuut in aanmerking (wetgeving).

Naar boven


Burgerlijke weerstanders

Om voor dit statuut in aanmerking te komen moet men tijdens de bezetting een activiteit ontwikkeld hebben in het kader van de geheime strijd tegen de bezetter die werkelijk risico’s voor de uitvoerder heeft meegebracht (wetgeving).

Naar boven


 

Weerstanders door de sluikpers

Men kan als weerstander door de sluikpers erkend worden wanneer men tussen 1 juni 1940 en 4 juni 1944 een onbaatzuchtige bedrijvigheid heeft uitgeoefend die deel uitmaakte van de vaderlandslievende weerstand tegen de vijand, hetzij op het gebied van de persorganen, hetzij inzake vlugschriften, plakbrieven of communiqués, waardoor men bloot stond aan weerwraakmaatregelen vanwege de vijand (wetgeving).

Naar boven


 

Weerstanders tegen het nazisme in de ingelijfde gebieden

Dit statuut is voorbehouden aan de personen die op 31 augustus 1940 sedert minstens vijf jaar hun gewone verblijfplaats hadden in de Oostkantons en die één van de volgende statuten van nationale erkentelijkheid bezitten:

  • politieke gevangenen en hun rechthebbenden
  • gewapende weerstanders
  • inlichtings- en actieagenten
  • burgerlijk weerstanders
  • werkweigeraars
  • krijgsgevangenen van 1940-1945
  • weerstanders door de sluikpers
  • weggevoerden voor de verplichte tewerkstelling

of

die gedurende zes maanden belangeloos hebben deelgenomen aan het verzet tegen de vijand door daden of door het uiten van hun politieke of filosofische overtuiging en ten gevolge daarvan aangehouden, gevangengezet, verplicht bij de Wehrmacht ingelijfd of weggevoerd werden

of

die om vaderlandslievende redenen de ingelijfde gebieden tussen 10 mei 1940 en 1 januari 1943 vrijwillig verlaten hebben of die eruit gezet werden

of

die bij de Wehrmacht of de Arbeitsdienst verplicht ingelijfd waren en vóór 6 juni 1944 gedeserteerd zijn (wetgeving).

Naar boven

 

Verplicht ingelijfden in het Duitse leger

Het betreft hier personen uit de Oostkantons die bij het Duitse leger werden ingelijfd:

  • ingevolge hun aanhouding door de vijand
  • of na hun verschijning voor de rekruteringsbureaus (Musterung)
  • of ter uitvoering van een persoonlijk bevel, gegeven ter toepassing van de Duitse verordeningen betreffende de rekrutering en de mobilisatie in het Duitse leger

(wetgeving)

Naar boven

 

Zeevissers in oorlogstijd

Dit statuut erkent de bijzondere verdienste van hen die tijdens de oorlog 1914-1918 de zeevisserij hebben beoefend vanuit Britse, Franse of Belgische havens of vanuit Britse havens tijdens de oorlog 1940-1945 (wetgeving).

Naar boven


 

R.C.B.L.-ers

Dit zijn de personen die op 10 mei 1940 tussen zestien en vijfendertig jaar oud waren en die gevolg hebben gegeven aan de oproep van de Belgische regering om zich naar de rekruteringscentra van het Belgisch leger (R.C.B.L. of C.R.A.B. in het Frans) in Zuid-Frankrijk te begeven (wetgeving).

Naar boven


 

Ondergedoken Joodse kinderen

Deze hoedanigheid wordt toegekend aan elk kind van minder dan 21 jaar op 10 mei 1940 of na deze datum geboren, dat na 1 juli 1942 gedwongen werd clandestien te leven om zich te onttrekken aan anti-joodse maatregelen, uitgevaardigd door de bezetter (wetgeving).

Naar boven


 

Burgerlijk invalide van de oorlog 1940-1945

Dit statuut wordt toegekend aan personen die een zekere schade hebben geleden ingevolge een aantasting van hun lichamelijke integriteit ingevolge een oorlogsfeit (wetgeving).


Copyright © 2008 Belgische Federale Overheidsdiensten | Disclaimer